Peter De Cupere

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Pollinators

Pollinators zijn bijen met een geurmasker. Men kan dit geurmasker ook op verschillende manieren interpreteren. Zo kan het masker een mini-gasmasker zijn om de ongezonde lucht uit te zuiveren zodat bijen langer leven, maar kan het masker ook juist een masker zijn om beter te kunnen ruiken. Als het ware een soort van actief ruikend en filterend masker dat de bijen naar de juisten bloemen en planten leidt. Maar evengoed zouden de pollinators eerder computergestuurde mini-drones kunnen zijn die via geurdetectie hun functie als ‘bevruchters’ van bloemen en planten tot doel hebben. Wetende dat het woord ‘drone’ afgeleid is van de Engelse benaming van een mannelijke bij, is dit nog niet zo’n vergezocht gedachte. Er werden verschillende versies van dit werk uitgewerkt.

 

Peter De Cupere (1970)

Ik gebruik geur als concept en / of context van mijn werk. Mijn interesse om geur als een volwaardig medium te gebruiken bij het creëren van kunstwerken is gegroeid vanuit mijn liefde voor de natuur. In de natuur vindt men fantastische geuren terug die ook andere functies hebben dan geurherkenning van een bepaalde plantensoort.Geuren trekken aan, kunnen afstoten en waarschuwen.

Geuren zijn dus betekenisdragers die hoofdzakelijk instinctieve boodschappen overbrengen. Geuren roepen zo ook herinneringen op bij het waarnemen van reeds kleine deelelementen en zijn in dit opzicht een hulpmiddel bij het oproepen van opgedane kennis of situaties. Zonder geur zouden we een vrij saai leven hebben. Het genot van het eten zou sterk verminderen en ons libido zou niet meer dezelfde ervaring teweegbrengen. Ondanks dat geur als een minderwaardig zintuig werd ervaren, wordt ze nu juist meer aanvaard. Ook in de kunstwereld is er een stroming op gang gekomen waarbij geur als medium evenwaardig wordt als het visuele en auditieve.

Ik wil de toeschouwer via geur bewust maken van de situatie waarin hij leeft; ‘Een wereld zo vergrijsd door vervuiling’. Planten verliezen hun kleurintensiteit. We ademen minuscule stofdeeltjes in die zelfs onze neushaartjes niet kunnen tegenhouden. We sterven langzaam uit door onze eigen vervuiling. Daarnaast neemt de groei van de mensheid toe. De grote vraag is dan ook wat doen we eraan en waar gaan we naartoe?

In mijn werk denk ik filosofisch na over deze vragen. Ik doe voorstellen. Deze voorstellen komen soms futuristisch over, maar zijn ook niet onmogelijk. Ze zijn met de huidige technologische evoluties creatieve oplossingen mbt onze toekomstige problemen. Hierin zie ik gentechnologie als een belangrijk onderdeel. Ik ben geen voorstander van knoeien met de natuur, maar gezien onze wereldevolutie zullen we er ook geen stop op kunnen zetten. We kunnen het aldus beter juist doen dan met scepticisme er tegenin te gaan. En misschien geven mijn denkbeeldige toekomstmogelijkheden een discours om juist meer na te denken over wat we nu kunnen doen en niet in de toekomst moeten doen. Hiervan zijn mijn ‘Brewery Flowers’ een mooi voorbeeld van hoe we via genetische modificatie in de toekomst bier kunnen brouwen waarbij we streven naar een zo natuurlijk mogelijk product.Via gistingsprocessen die rechtstreeks in de plant plaatsvinden maken we een zalig biertje dat voldoet aan Belgische kwaliteitsnormen. De planten zijn grote natuurfabrieken die qua oppervlakte minder plaats zullen innemen tov de normale nodige oppervlakte. Tevens groeien deze planten jaar op jaar en wordt de productie ook groter om zo nog meer tegemoet te komen aan de toenemende populatiedichtheid. Deze plant, of eerder gezegd deze bloem is zowel (geur)producent als ideaal van schoonheid.

Een bloem, – maar spreek liever van het Engelse woord ‘Flower’ omdat hier het woord ‘Flow’ in zit, is voor mij een begrip. Ik zie dit begrip als een hoorn schreeuwend naar de samenleving. Een metamorphose voor een opening naar buiten toe. Zo kan ook een gat in de grond of een gat in de muur dat een geur afgeeft ook een ‘Flower’ voor mij zijn. Net zoals een verluchtingssysteem, een auto uitlaat of een fabrieksschoorsteen ‘Flowers’ kunnen zijn. Maar zelfs de klieren in de huid van een lichaam, de haren van de oksel, en zelfs geslachtsdelen kunnen zo ook worden gezien als ‘Flower’ in de betekenis van een metamorfose. Als men het begrip ‘Flower’ op deze manier kan ervaren, dan zal men begrijpen dat dit idee nauw verwant is aan de relatie tussen maatschappij en cultuur.

Mijn werk bestaat er dus voornamelijk in om de toeschouwer eerst geurbewust te maken om zo via geur ook context toe te voegen. Geur kan hierbij als concept gebruikt worden, maar ook de context an sich zijn. Naast geurconcepten rond klimaatproblemen maak ik ook ‘Smell Devices’ waarvan o.a. de Blind Smell Stick ( www.blindsmellstick.com) een voorbeeld is. Daarnaast ben ik de uitvinder van de Olfactiano (www.olfactiano.com) , de eerste geurpiano ter wereld. Ik onderzoek ook geur als beeldend element via diverse geurinstallaties en geurschilderijen. Een mooi voorbeeld hiervan zijn de ‘Invisible Scent Paintings’ waarbij geur via scratch & sniff op de muur aangebracht wordt. Na het lezen van de titel van het schilderij kan men over het onzichtbare schilderij wrijven en de geur waarnemen. Hierbij geeft geur dan een nieuwe context aan de gelezen titel.

http://www.peterdecupere.net